Export van varkensmest naar Duitsland daalt maar liefst 75 procent in vijf jaar tijd

Die afname van varkensdrijfmestexport naar Duitsland hangt samen met de aanhoudende krimp van de varkenshouderij in Nederland. Als gevolg van beëindigings- en opkoopregelingen hadden zich tot medio december 2025 in totaal 573 varkensbedrijven aangemeld voor een vrijwillige opkoop.
Waar de export varkensdrijfmest naar Duitsland daalde, nam de totale mestexport naar Duitsland fors toe. In totaal voerden Nederlandse bedrijven 3,41 miljoen ton mest af naar het buitenland, een stijging van 25,8 procent ten opzichte van 2024 (2,71 miljoen ton). Dat blijkt uit cijfers van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO).
Duitsland blijft belangrijkste afnemer
Duitsland blijft daarmee veruit de grootste afnemer van Nederlandse mest. De import door Duitsland nam in 2025 met 40,9 procent toe tot ruim 1,7 miljoen ton. Ook Frankrijk en België namen meer Nederlandse mest af, met stijgingen van respectievelijk 14,1 en 13,8 procent.
Vooral de vraag naar pluimveemest in Duitsland nam sterk toe. De export van pluimveemest vanuit Nederland steeg met 58,6 procent.
Export naar Duitsland uitgesplitst
De uitvoer van Nederlandse mest naar Duitsland bestond in 2025 uit:
-
Mengmest: 1,27 miljoen ton (+46,5%)
-
Paardenmest: 150.000 ton (+14,0%)
-
Pluimveemest: 244.000 ton (+58,6%)
-
Rundveedrijfmest: 23.000 ton (+39,4%)
-
Varkensdrijfmest: 75.000 ton (-7,4%)
Meer rundveedrijfmest over de grens
Opvallend is ook de stijging van de export van rundveedrijfmest. Met 23.000 ton werd bijna 40 procent meer rundermest naar Duitsland afgezet dan een jaar eerder. Dit hangt samen met strengere bemestingsregels in Nederland. Melkveehouders kunnen minder mest op eigen grond plaatsen en zijn daardoor genoodzaakt meer mest af te voeren.
De cijfers onderstrepen hoe veranderingen in mestbeleid en structuur van de veehouderij direct doorwerken in internationale meststromen.

