PBL: Schade door hittestress in veehouderij kan oplopen tot 1 miljard euro

Door hogere temperaturen en vaker voorkomende hittegolven krijgen koeien steeds vaker te maken met hittestress, zo valt uit het rapport op te maken. Dat leidt tot een lagere voeropname, een verminderde weerstand en uiteindelijk een daling van de melkproductie. Het PBL rekent in het rapport ‘Voorbij de risico’s: keuzes voor een klimaatbestendige leefomgeving’ met een daling van 3 tot 12 procent in de zuivelproductie, afhankelijk van de ernst van de hitte.
De impact beperkt zich niet tot productie alleen. Hittestress tast ook het dierenwelzijn aan en vergroot de kans op gezondheidsproblemen en sterfte, vooral tijdens langdurige hittegolven zonder nachtelijke afkoeling. Daarmee wordt het risico voor melkveehouders niet alleen economisch, maar ook maatschappelijk relevanter, in een sector waar diergezondheid steeds nadrukkelijker onder het vergrootglas ligt, aldus het PBL-rapport.
Aantal dagen met hittestress neemt sterk toe
Volgens het rapport neemt de frequentie en duur van hittestress de komende decennia fors toe. Waar melkvee nu al op tientallen dagen per jaar met hittebelasting te maken heeft, kan dat in extreme klimaatscenario’s oplopen tot een situatie waarin koeien een aanzienlijk deel van het jaar onder hittestress staan. Dat zet de huidige bedrijfsvoering onder druk, zeker voor bedrijven die sterk afhankelijk zijn van weidegang.
Naast directe hitte-effecten spelen ook indirecte factoren een rol. Droogte kan de grasgroei en -kwaliteit beperken, terwijl natte periodes de beweiding bemoeilijken. Tegelijkertijd neemt de watervraag toe en kunnen nieuwe dierziekten zich gemakkelijker verspreiden. Deze combinatie van factoren maakt de bedrijfsvoering complexer en minder voorspelbaar.
Meerdere klimaateffecten stapelen zich op in de sector
Het PBL wijst erop dat het aanpassingsvermogen van de sector op de klimaatverandering tot nu toe beperkt is ontwikkeld, mede doordat de noodzaak daarvoor in het verleden minder groot was. Met de toenemende hitte wordt die achterstand zichtbaarder.
Technische maatregelen, zoals koeling en ventilatie in stallen, kunnen volgens het rapport de schade beperken. Deze maatregelen grijpen direct in op de omstandigheden waarin melkvee het grootste deel van de tijd verblijft en kunnen de productiedaling en welzijnsproblemen relatief snel beperken.
Daarbij wordt in het rapport benadrukt dat dergelijke stalmaatregelen naar verwachting effectiever zijn in het beperken van economische schade en productieverlies dan meer ruimtelijke of structurele aanpassingen. Tegelijkertijd vragen ze investeringen en bieden ze geen volledige oplossing: ook bij inzet van deze maatregelen blijven opbrengstverliezen en risico’s voor het dierenwelzijn bestaan.
Daarnaast benoemt het rapport een meer structurele richting, waarbij de omgeving van het bedrijf wordt aangepast. Voor melkveehouders gaat het dan bijvoorbeeld om meer schaduw in de weide, aanpassing van weidegang en mogelijk een andere inrichting van het bedrijfssysteem. Deze aanpak is breder en grijpt minder direct in op hittestress in de stal, maar kan wel bijdragen aan een robuuster systeem op de langere termijn, aldus het PBL-rapport.


