Ongecoupeerde varkens houden: meer kennis, meer uren, meer druk

De belangrijkste reden voor het extra werk is de menselijke controle. Zodra er eenmaal gebeten wordt in een groep, kan het namelijk snel uit de hand lopen. Veel aanwezig zijn en observeren is de oplossing. Een niet bij naam genoemde varkenshouder was voorheen zo’n twee uur per dag kwijt aan controlerondes, maar heeft dat opgevoerd naar vier uur. Een snelle ronde door de stal volstaat niet meer. „Je moet een barkruk neerzetten en rustig gaan kijken”, zegt de deelnemer op de site van DLV. Pas als de dieren gewend zijn aan de aanwezigheid van de boer, laten ze hun normale gedrag zien. Deelnemende boeren controleren nu minimaal drie keer per dag, oplopend tot vijf rondes op momenten dat er problemen worden verwacht.
Personeel opleiden
Niet couperen vraagt ook meer kennis bij het personeel. Ook zij moeten gedrag leren herkennen om er tijdig op te kunnen handelen. Een varkenshouder merkt dat dit niet eenvoudig is. „Leg een vreemde maar eens uit wat het gedrag is waar hij op moet letten. Dat is gewoon moeilijk.”
Bijtgedrag kan in korte tijd escaleren. De boeren raden aan om bij de eerste signalen direct in te grijpen, eerst ander werk afmaken is geen optie. En dan zit het meeste werk in het opsporen van de dader. Een van de boeren spuit om die reden blauwe kleurstof rond een pas beschadigde staart. De dader verraadt zichzelf dan met een blauwgekleurde bek.
Invloed op werkplezier
De gevolgen van het extra werk zijn niet te onderschatten. Hoewel ze de doelstelling onderschrijven, drukt het op varkenshouders. Een van hen zegt afspraken te missen en regelmatig te laat komt voor het avondeten. “Het klinkt mooi en ik sta erachter, maar in de praktijk merk ik dat ik gefrustreerd raak en het effect heeft op mijn werkplezier.”
Tekst: Redactie Pig Business
Bron: DLV Advies
