
Afleveren van vleesvarkens
Optimaliseer het aflevermoment van vleesvarkens met inzicht in karkaskwaliteit, vleespercentage, voerprijs en uitbetalingssystematiek voor maximaal rendement.

Het belang van uitbetalingstabellen
Slachterijen hanteren verschillende uitbetalingstabellen waarin karkasgewicht, vleespercentage en eventuele kwaliteitscorrecties centraal staan. Binnen deze tabellen worden optimale trajecten gehanteerd, waarbij zowel onder- als overschrijding van bepaalde grenzen leidt tot kortingen. Het economische optimum ligt dan ook zelden bij het maximale gewicht, maar juist bij die combinatie van gewicht en vleespercentage die resulteert in de hoogste uitbetaling per dier. Voor de varkenshouder betekent dit dat inzicht in deze tabellen cruciale stuurinformatie vormt voor de dagelijkse praktijk.
Verandering in spier- en spekaanzet
Een belangrijke factor die hierin meegenomen moet worden, is de verandering in spier- en spekaanzet naarmate het dier ouder en zwaarder wordt. In de vroege groeifase ligt de nadruk op spieraanzet, terwijl in latere fasen de spekaanzet relatief toeneemt. Deze verschuiving heeft directe gevolgen voor het vleespercentage van het karkas. Hoewel varkens veel langer efficiënt blijven dan vroeger, neemt de efficiëntie van voederbenutting af en wordt een groter deel van de opgenomen nutriënten omgezet in spek in plaats van mager vlees. Dit resulteert vaak in een daling van het vleespercentage.
Risico’s van te lang door laten groeien
Het ogenschijnlijk aantrekkelijk verder laten doorgroeien van dieren kan daardoor een averechts effect hebben op het saldo. Enerzijds nemen de voerkosten toe door een verslechterende voederconversie, anderzijds kan de karkaskwaliteit zodanig veranderen dat een lagere classificatie wordt toegekend. Bovendien bestaat het risico dat dieren buiten de optimale gewichtsklasse vallen, met aanvullende kortingen tot gevolg. Het bepalen van het juiste aflevermoment vraagt daarom om een nauwkeurige afweging tussen extra groei en de impact daarvan op vleespercentage en uitbetaling.
Invloed van biggenprijs en voerprijs
Daarbij spelen ook externe economische factoren een belangrijke rol, met name de biggenprijs en de voerprijs. Voor elk afgeleverd vleesvarken moet immers een nieuwe big worden opgezet, waardoor een hoge biggenprijs de druk verhoogt om per plaats een zo hoog mogelijke opbrengst te realiseren. In situaties met dure biggen kan het economisch aantrekkelijk zijn om iets zwaarder af te leveren, mits dit nog binnen de grenzen van het betaalsysteem past. Tegelijkertijd heeft de voerprijs een directe invloed op de marginale kosten van extra groei. Bij relatief goedkoop voer kan het rendabel zijn om dieren langer aan te houden en extra kilo’s te produceren, terwijl bij hoge voerprijzen juist scherper gestuurd moet worden op een optimaal, vaak lager aflevergewicht. De combinatie van biggenprijs en voerprijs bepaalt daarmee in belangrijke mate waar het economische optimum ligt.
Voersamenstelling en het risico op te weinig eiwit
Belangrijk is hierbij niet door een ondergrens te zakken. Wanneer er te weinig eiwit in het voer zit, wordt SID-lysine de limiterende factor voor eiwitdepositie. De overmaat aan energie wordt dan omgezet in vetdepositie, en dus een hogere spekdikte. Bij beren speelt dit een grotere rol dan bij borgen en gelten.
Selectief afleveren en monitoren van groei
Door dieren selectief af te leveren, kan worden voorkomen dat een deel van het koppel te zwaar wordt en buiten de optimale specificaties valt. Het regelmatig monitoren van groei en uniformiteit binnen de groep helpt om beter te sturen op het juiste moment van afleveren. Daarnaast speelt de voerstrategie in de eindfase een belangrijke rol. Door de verhouding tussen energie en eiwit zorgvuldig af te stemmen, kan de spekaanzet enigszins worden geremd en het vleespercentage worden ondersteund.
Ook de invloed van genetica en managementfactoren mogen hierbij niet worden onderschat, zoals verschillen in groeisnelheden, voeropnamepatronen en spekaanzet. Daarnaast vragen ook de verschillen in gezondheid en klimaat om een bedrijfsspecifieke benadering. Een matige gezondheid vraagt extra eiwit voor de extra activiteit van het immuunsysteem, terwijl een te koud of te warm klimaat extra energie vraagt. Het structureel analyseren van slachtgegevens en het terugkoppelen van deze informatie naar het management op het bedrijf maakt het mogelijk om de voerstrategie verder te verfijnen en beter aan te laten sluiten op de praktijkresultaten.
Afleveren als onderdeel van de totale bedrijfsstrategie
Het afleveren van vleesvarkens is daarmee geen eindhandeling, maar een integraal onderdeel van de bedrijfsstrategie. Door inzicht in het betaalsysteem te combineren met kennis van de veranderende spek‑spierverhouding én de actuele economische omstandigheden, kan gericht worden gestuurd op het optimale aflevermoment. Dit leidt niet alleen tot een betere karkaskwaliteit, maar vooral tot een maximaal financieel rendement per afgeleverd dier.
Tekst: Topigs Norsvin
Beeld: Topigs Norsvin